wellink

Hoofdpijnnet-beschermheer Nout Wellink: ‘Ik heb mijn carrière eigenlijk te danken aan migraine.’

Aan pensioen moet hij nog niet denken zo lang er vraag is naar zijn bancaire en economische expertise. Nout Wellink (75) blijft werken met overgave, ondanks de migraine die hem al sinds zijn jongensjaren in de greep houdt. In zijn woonplaats Wassenaar spraken wij Wellink, oud-president van De Nederlandsche Bank (DNB) en al lange tijd beschermheer van Hoofdpijnnet. Over migraine, medicijnen, (door)werken en farmaceuten.

(Tekst: Caspar van Loo en Leo van Os, Hoofdzaken #4, 2018)

Even het geheugen opfrissen: Arnout Henricus Elisabeth Maria Wellink was van 1 juli 1997 tot 1 juli 2011 president van De Nederlandsche Bank. Tijdens de bankencrisis kreeg hij het zwaar te verduren toen politiek en pers de rol van de DNB bekritiseerden. De econoom, inmiddels 75 jaar, ging op zijn 65e niet met pensioen maar werd gevraagd om toezichthouder te worden in de directie van de Bank of China in Beijing. Binnenkort zit zijn termijn erop en verkast Wellink naar een andere Chinese bank, de Industrial and Commercial Bank of China (ICBC). Daar wordt hij onafhankelijk, niet-uitvoerend lid van de Raad van Bestuur. Zijn migraine houdt hem niet tegen.

Hoe gaat het nu met de migraine?
‘De Imigranspuit is nog steeds onder handbereik. En sinds 1990 slik ik elke dag een bètablokker, waarvan de werking de aanvallen iets vertraagt, heb ik het gevoel. Gemiddeld had ik bijna een keer per week migraine. Ik merk nu dat het aantal aanvallen is gehalveerd, dat is heel plezierig. En daarvoor heb ik niets hoeven doen, behalve ouder worden. Die spuiten zijn geweldig, ze werken snel bij mij. Wanneer ik in een vergadering migraine krijg, benut ik vaak een plaspauze voor het zetten van zo’n spuit. Na een half uur kan ik weer meepraten aan tafel. Je bent dan wel moe maar het gaat. Ja, mijn omgeving had het bijna niet in de gaten dat ik migraine had. Mijn vrouw en mijn moeder waren de enigen die de migraineaanval bij mij zagen aankomen. Ze merkten het aan mijn humeur en mijn prikkelbaarheid.’

Hoe wordt migraine beleefd in China?
‘Geen idee eigenlijk. We hebben het er niet over. Het is ook niet zo dat ik in China te koop loop met mijn ziekte. Hoe moet ik uitleggen dat ik soms knettergek word van de hoofdpijn en al het ongemak? Dat gaat helaas niet.’

Migraine en werk staan dit najaar centraal in de landelijke migrainecampagne. Hoe kijkt u tegen die combinatie aan?
‘Ook al voelt de werkgever niet wat jij met je migraine voelt, hij moet wel zo verstandig zijn dat hij begrijpt dat er iets is. Ik weet eigenlijk niet of rustkamers of andere faciliteiten op het werk een goede oplossing zijn. Als je veronderstelt dat de medewerker een medicijn moet kunnen nemen om op krachten te komen, kan een rustkamer zeker goed werken. Beter is als de werkgever gewoon zegt: Bij een migraineaanval ga je meteen naar huis om uit te zieken. Als de medewerker merkt dat de baas begrip heeft voor de klachten, gaat die dat goed maken door op andere dagen harder te werken of langer te blijven. Aan een migrainepatiënt heb je volgens mij een heel loyale werknemer.’

‘Ik heb mijn carrière eigenlijk te danken aan migraine. Lang geleden – in 1974 – toen ik ambtenaar was op het ministerie van Financiën lag ik op een maandagochtend op bed met een aanval toen de secretaris-generaal belde. Hij zei dat ik onmiddellijk naar het departement moest komen om aan de minister iets uit te leggen. Ik sputterde tegen dat ik ziek en misselijk was en echt niet kon komen. Maar dat was geen reden, vond de SG. Als de minister zegt dat je moet komen, dan kom je. Ik werd met een taxi naar Den Haag gebracht om aan te schuiven in een kamer met vier directeuren-generaal en minister Duisenberg. Het ging om informatie rond belastingramingen die ik had gevraagd aan verschillende ambtenaren. Dat mocht niet omdat het om heel vertrouwelijke gegevens ging. Ik zat aan tafel met veel pijn en in een soort waas, en ik dacht: die lui zijn gek. Ik kon nog net zeggen dat alles keurig was geregeld en afgedekt, en dat er geen reden tot paniek was.

Na afloop vroeg Wim Duisenberg aan mij waarom ik zo weinig had gezegd. Toen hij begreep dat ik zo ziek was, zei hij meteen dat ik snel naar huis moest om op te knappen. Daar is mijn vriendschap met Wim toen begonnen. Hij stond open voor mijn ziekte en had begrip voor de ernstige klachten en de lichamelijke problemen waarmee ik te maken had.’

Wat vindt u van de komst van de nieuwe migraineremmer?
‘Ik ben blij dat er een nieuw medicijn in aantocht is dat preventief kan werken. Als het nieuwe middel met de werkzame stof Erenumab echt 40 procent van de migrainepatiënten helpt, is het wel degelijk een welkome oplossing voor hen.’

Farmaceuten liggen onder vuur vanwege soms zeer hoge prijzen van medicijnen. Terechte verontwaardiging?
De econoom in Wellink antwoordt: ‘Ik vind dat we de farmaceutische industrie moeten beoordelen op het overall-rendement in de bedrijven. Als zij een rendement behalen dat vergelijkbaar is met dat in de rest van het bedrijfsleven, dan aarzel ik erg om te zeggen dat we op alle specifieke geneesmiddelen price caps moeten zetten – dus een maximumprijs moeten bepalen. Wat mij betreft gaat het om het totale rendement van het bedrijf. Wanneer dat zodanig onder druk komt te staan dat de research en de ontwikkeling die de bedrijven moeten doen voor nieuwe medicijnen niet van de grond komen, is er iets scheef – dat willen we niet.’

‘Aan de andere kant, wanneer het een goed gerund farmaceutisch bedrijf is dat een overmatige totaalwinst boekt, kun je aan dat bedrijf vragen om iets te doen aan de prijs van specifieke medicijnen waaraan maatschappelijk een grote behoefte bestaat. Dat argument geldt ook als de farmaceut een overmatige winst maakt op dat specifieke medicijn. Maar voor de rest moeten we voorzichtig zijn met het veroordelen van de farmacie. Voor je het weet verminder je de drang tot onderzoek en innovatie in die sector.’

Er zijn voorbeelden die de publieke en politieke verontwaardiging voeden…
‘Natuurlijk, er zijn allerlei misstanden met patenten op medicijnen die onzinnig lang blijven doorlopen zodat de markt niet zijn werking kan doen… (pauze) We moeten wel ons verstand blijven gebruiken. Elk geneesmiddel heeft zijn prijs. Je wilt niet de vooruitgang tegenhouden in de farmaceutische sector, maar je wilt wel de uitwassen proberen uit te bannen. Zoals het voorbeeld van de concurrent van de Imigranspuit. Toen het octrooi verliep, bood dat bedrijf de medicatie in Nederland aan voor een euro per spuit minder dan Imigran. Zonder enige vorm van research verdiende dat bedrijf goud aan het migrainemedicijn. Dat moeten we niet willen.’

Is 6.000 euro per jaar voor een migraineremmer veel of weinig?
‘Je raakt een van de moeilijkste punten in de gezondheidszorg. Moet je grenzen opleggen aan de kosten voor behandeling? Van die 6.000 euro voor een migraineremmer schrikken we niet, maar 80.000 euro of meer per jaar voor een geneesmiddel of behandeling is een heel ander verhaal. Bij dodelijke ziektes kan een bepaald medicijn het overlijden bijvoorbeeld zes jaar uitstellen. Als medicatie levens redt, de pijn verzacht of de kwaliteit van leven verbetert, dan is er iets te zeggen voor hoge prijzen. Maar het is wat mij betreft een keuzeprobleem… Een liftje in een woning voor iemand die slecht ter been is, verhoogt ook de kwaliteit van leven. En dat kost ook het een en ander. Ik bedoel te zeggen: je zit altijd met een afweging.’

Publiek relevant
Aan het eind van het gesprek komt Nout Wellink nog even terug op de rol van de farmaceutische industrie in de gezondheidszorg. Volgens hem kun je de farmaceuten – net als banken – vergelijken met bedrijven die publiek- relevante producten maken en een bijzondere verantwoordelijkheid dragen. ‘Wanneer zij voldoende winstgevend zijn, moet in die organisaties de klant centraal staan, niet de winstmaximalisatie of het eigen gewin.’ Waarvan akte.

Wellink als beschermheer
Nout Wellink is beschermheer van de vereniging, wat op papier zo veel betekent dat hij als vooraanstaand Nederlander ‘symbolische bescherming’ geeft aan Hoofdpijnnet. In de praktijk vertaalt die functie zich een enkele keer in het leveren van een bijdrage aan de vereniging, bijvoorbeeld op 31 januari jl., toen Wellink de introductie verzorgde van het Hoofdpijnnet-congres voor zorgverleners en verzekeraars over werk en migraine. Beschermheer zijn betekent voor hem ook dat hij de bespreekbaarheid van migraine wil vergroten. ‘Het helpt misschien dat migraine ook bij bekende Nederlanders voorkomt en dat die toch gewoon kunnen functioneren.’